Tijd is rijp voor geïntegreerde aquacultuur in Vlaanderen en op de Noordzee | Aquacultuur vlaanderen

Tijd is rijp voor geïntegreerde aquacultuur in Vlaanderen en op de Noordzee

Op woensdagnamiddag 9 december 2015 gaat in Oostende het jaarlijkse Vlaams Aquacultuur symposium door. Met getuigenissen uit de bedrijfswereld zal het symposium illustreren hoe te “starten met een viskwekerij” in Vlaanderen. Annie Cool, visserij raadgever voor Vlaams minister Joke Schauvliege en Bart Tommelein, Staatssecretaris voor Noordzee, sluiten het symposium af. Het symposium gaat door in het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek, Ankerstraat 1, 8400 Oostende en start om 13u. Onderstaande resultaten uit het AquaValue-project zullen tijdens dit symposium uitgebreid ter sprake komen.

Download persbericht


Vlaanderen heeft de kennis, de ruimte en de afzetmarkt om aquacultuurproducten op een geïntegreerde en duurzame manier te kweken, hetgeen blijkt uit de recent afgeronde studie “AquaValue”. Elf projectpartners onderzochten het potentieel voor geïntegreerde aquacultuur in Vlaanderen en op de Noordzee, en stellen vier haalbare pilootprojecten voor: een marien multi-species broedhuis, een open visboerderij op zee, een mossel- en zeewierkwekerij tussen de windmolens en een kustverdedigingsproject met oogstbare bio-bouwers.


Aquacultuur is zowel een noodzaak als een opportuniteit
Aquacultuur omvat het kweken van vissen, schaal- en schelpdieren, en zeewieren voor commerciële doeleinden. Producten uit aquacultuur vormen nu al een oplossing voor de toenemende vraag naar voedsel en energie. Met een jaarlijkse groei van 8% is de aquacultuursector wereldwijd het snelst groeiende segment binnen de voedselproductie. Niet alleen leveren aquacultuurproducten de nodige proteïnen en onverzadigde vetzuren, maar sommige producten zoals de macrowieren bevatten interessante componenten en grondstoffen voor industriële toepassingen . Op internationaal niveau wordt de ontplooiing van aquacultuur activiteiten gestimuleerd door de Wereld Voedselorganisatie (FAO) en de Europese Commissie. Wanneer aquacultuur bovendien gecombineerd wordt met andere activiteiten op het land en op zee, zoals geïntegreerde aquacultuur impliceert, denk bijvoorbeeld aan kwekerijen in windmolenparken, dan wordt de activiteit een stuk duurzamer en efficiënter door het gemeenschappelijk gebruik van middelen, ruimte en personeel. Het is dan ook niet verwonderlijk dat aquacultuur een belangrijke pijler vormt binnen de “Blue Growth” strategie, een internationaal gedragen socio-economisch ontwikkelingsplan dat gericht is op een meer uitgebreide en duurzame benutting van zeeën en oceanen.


“AquaValue”: Kick-start voor geïntegreerde mariene aquacultuur in Vlaanderen en op de Noordzee
In Vlaanderen wordt het pad geëffend voor deze relatief nieuwe maar beloftevolle sector. De projectoproep in 2013 “Roadmaps voor economische uitdagingen” bracht 11 geëngageerde bedrijven en onderzoeksinstellingen bijeen om een weg uit te stippelen voor geïntegreerde mariene aquacultuur in Vlaanderen en op de Noordzee. Het AquaValue-consortium maakte een overzicht van de huidige stand van zaken van geïntegreerde aquacultuur in de wereld en bracht een duidelijk beeld van toekomstige mogelijkheden in Vlaanderen. En die toekomst ziet er goed uit.
Uit de studie blijkt namelijk dat schaalvergroting, mechanisatie en integratie van de aquacultuursector in de komende jaren tot grote opportuniteiten zullen leiden voor Vlaamse ondernemingen en onderzoeksinstellingen, zowel binnen als buiten Vlaanderen. Dankzij haar sterke troeven, zoals wetenschappelijke en praktijkkennis in aquacultuur, chemische proces- en biotechnologie know-how, een voortrekkersrol in de offshore-windenergiesector en een sterke integratie met de maritieme sector, kan Vlaanderen deze opportuniteiten vertalen naar nieuwe economische activiteiten. Bovendien is er in Vlaanderen nog voldoende ruimte om de consumptie van aquacultuurproducten te verhogen (meer kg per inwoner) en te verbreden (andere producten). Met circa 25,4 kg vis en zeevruchten per persoon per jaar is de Vlaming slechts een gemiddelde Europese gebruiker. Daarenboven wordt de huidige vraag voor ruim 90% opgevangen door geïmporteerde visserijproducten die, mits een goede prijs en kwaliteit, vervangen kunnen worden door lokale producten.


En in de praktijk?
Op basis van de marktanalyse, technische uitvoerbaarheid, innovatie- en businesspotentieel worden 4 pilootprojecten naar voor geschoven door het AquaValue-consortium:


o “Marien multi-species broedhuis”. Dit pilootproject mikt op de ontwikkeling van een broedhuis waarbij larven van verschillende soorten vis, schaal- en schelpdieren worden geproduceerd voor bevoorrading van kwekerijen. De combinatie van marktgerichte- en nicheproducten biedt technische en economische voordelen. Er zullen tal van uitdagingen zijn, waaronder de genetische diversiteit van de broedstock en microbiële controle. Dit pilootproject kan bouwen op de aanwezige expertise binnen Vlaamse bedrijven en kennisinstellingen op het gebied van mariene broedhuizen.

o “Ecosysteemgerichte kustverdediging en aquacultuur door middel van bio-bouwers”. Het doel van dit pilootproject is om de kustzone net onder de waterlijn te stabiliseren met zogeheten bio-bouwers. Bio-bouwers zijn regio-specifieke organismen die door hun eigen activiteit en natuurlijke ontwikkeling een positieve invloed kunnen hebben op hun omgeving. Het gebruik van deze bio-bouwers in combinatie met kustverdediging zou een kostenefficiënte en duurzame methode kunnen opleveren om een voldoende breed en stabiel Vlaams strand te behouden, dat tegelijkertijd een oogstbaar product kan opleveren.

o “Extractieve aquacultuur in de offshore windmolenparken”. Deze piloot richt zich op het bepalen van de technische en economische haalbaarheid van de kweek – in de windmolenparken - van schelpdieren (in het bijzonder blauwe mosselen) en zeewieren.

o “Hoeden van geconditioneerde zeebaars in de offshore windmolenparken”. Dit project steunt op het idee dat wilde vis kan gehoed worden in de offshore windmolenparken. Zeebaars, een commercieel interessante soort, wordt aangeleerd om te reageren op geluidsignalen door het toedienen van kleine hoeveelheden voer (“snoepjes”). Hierdoor worden de vissen gestimuleerd om binnen een gebied te blijven, waar ze door middel van passieve visserij gevangen kunnen worden.


En nu aan de slag !
Het AquaValue consortium stelt verschillende acties voor. Bovenop de uitvoering van de eerder genoemde pilootprojecten is het nodig om, naar het grote publiek toe, de voordelen van duurzame aquacultuur(producten) voor het milieu en onze gezondheid meer aandacht te geven. Bovendien moet markt-, product- en consumentenonderzoek gesteund worden om de consumptie van (nieuwe) aquacultuurproducten te stimuleren. Het consortium benadrukt ook dat er verdere financiële steun nodig is voor (toegepast) onderzoek naar de technische en biologische aspecten van geïntegreerde aquacultuur en voor ondernemerschap (start-ups) dat uiteindelijk de sector moet uitbouwen en ontwikkelen. Dergelijke ondersteuning vanuit Vlaanderen werd tijdens de afgelopen drie jaar, sinds het opstellen van de visietekst rond de ontwikkeling van aquacultuur in Vlaanderen, vertaald in zes betoelaagde dossiers, samen goed voor ruim 1,2 miljoen €. Daarnaast is via het Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij
een portefeuille van 10 miljoen € beschikbaar voor onderzoek naar en de uitbouw van aquacultuur, voor de helft afkomstig uit Europa en voor de andere helft afkomstig van het ministerie van Omgeving, Natuur en Landbouw.

Kortom, de tijd is rijp om Vlaanderen op de wereldkaart te gaan zetten als kennis- en productiecentrum voor duurzame, geïntegreerde aquacultuur.

Het consortium dankt de Vlaamse overheid voor de financiële ondersteuning van het AquaValue-project.


Contact:
SIOEN Industries NV:
Bert Groenendaal, coördinator van het AquaValue-project, bert.groenendaal@sioen.be, 0476 98 43 79


ILVO:
Greet Riebbels, hoofd Communicatie ILVO, Greet.Riebbels@ilvo.vlaanderen.be, 0486 26 00 14
Daan Delbare, hoofd Aquacultuur ILVO, daan.delbare@ilvo.vlaanderen.be


FMC:
Ann Overmeire, coördinator Flanders’ Maritime Cluster, ann.overmeire@pomwvl.be, 0496 51 11 45